HOE JE DE BABBELBOX IN JE HOOFD UITSCHAKELT
- Riet Lenaerts

- 2 dagen geleden
- 6 minuten om te lezen

Vandaag kunnen we samen aan de slag gaan met een interessante inbeeldings-oefening.
Stel dat je God bent en een nieuwe diersoort mag scheppen. Voor de hardware heb je al een beslissing genomen. Het nieuwe dier moet er zo uitzien als een chimpansee. Nu gaat het dus nog over de software. Hoe sterk, snel en gevoelig moet dit nieuwe dier op gevaren reageren, vooral op onduidelijke gevaren die hij slechts vermoedt?
Als je de ‘gevaren-sensor’ van je creatie te laag instelt, zal de diersoort snel van de klippen vallen of door natuurlijke vijanden worden opgepeuzeld. In een minimum van tijd zou het dier uitgestorven zijn. Stel je daarentegen de gevaren-sensor te hoog in, dan zal je nieuwe diersoort zich uit pure angst nauwelijks van zijn plaats begeven. Het dier zal verhongeren voordat het de kans heeft zich voort te planten. Ook dan zou het binnen de kortste keren zijn uitgestorven.
Je hebt dus een juiste mate van bezorgdheid nodig – of beter nog de juiste instelling van de ‘zorgendetector’. Maar wat is ‘juist’? Ligt de hoeveelheid -precies- in het midden tussen dodelijk extremen? Nee, je programmeert de software van je diersoort zodanig dat het dier liever iets te voorzichtig is. Liever dat het een keer te veel wegrent voor een bewegende schaduw dan een keer te weinig. Je zult je diersoort dus met een aanzienlijke mate van bevreesdheid, bezorgdheid en angst uitrusten. Maar ook weer niet met zo veel dat het dier niet meer op zoek gaat naar eten.
Dat is precies wat de evolutie met alle diersoorten heeft gedaan. Ook met ons.
Daarom worden we van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat geplaagd door een zorgelijk gevoel. Deze innerlijke onrust is een heel normaal software-onderdeel van onze hersenen. Het is biologisch stevig verankerd en daarom kan je het nauwelijks uitschakelen. Zonder de last van bezorgdheid zouden noch jij, noch iemand anders hier zijn. Onze constante bezorgdheid heeft zich gedurende de laatste miljoenen jaren bewezen als perfecte overlevingsstrategie. Wees daar blij om! Maar er schuilt een addertje onder het gras. Tegenwoordig staat je angstigheid niet meer in verhouding tot de werkelijke levensgevaren. Je leeft niet meer op de savanne, waar bij elke drinkplaats een tijger op de loer ligt. Kortom, negentig procent van je zorgen zijn overbodig. Ofwel omdat de rondtollende problemen in je hoofd niet echt gevaarlijk zijn, of wel omdat je er toch niets kan aan veranderen. Je midden in de nacht zorgen maken over de opwarming van de aarde, de stemming op de beurzen of mogelijke oorlogen brengt je niets op. Het houdt je alleen uit je slaap.
Onze voortdurende angst leidt tot chronische stress, die ons wederom jaren van ons leven kost. Een voorbeeld uit de dierenwereld illustreert het probleem op een prachtige manier. Mussen hebben, zoals je wel kan vermoeden, een hele hoop natuurlijke vijanden: uilen, valken, eksters, spechten, sperwers, katten, meeuwen, reigers…
In Canada heeft men een experiment met mussen gedaan. Wetenschappers hebben over een heel stuk bos netten gespannen om zo de natuurlijke vijanden van de mussen buiten te sluiten. Nog nooit hadden de mussen zich zo veilig gevoeld. Vervolgens, niet zo netjes natuurlijk… maar het ging om een experiment, plaatsten de onderzoekers luidsprekers in het bos. In een deel van het bos waren geluiden van natuurlijke vijanden te horen. In het andere deel van het bos niet-bedreigende natuurlijke geluiden. De mussen die de ‘slechte’ geluiden te horen kregen, legden veertig procent minder eieren. De eieren waren kleiner en er werden minder eieren uitgebroed. Veel van de uit het ei gekropen vogeltjes verhongerden omdat de ouders uit angst weinig voedsel aansleepten en de beestjes die overleefden waren zwakker. Dit experiment toonde op indrukwekkende wijze aan dat je niet eens een echte bedreiging nodig hebt. Angst alleen kan een heel ecosysteem beïnvloeden.
Wat voor mussen geldt, geldt ook voor ons mensen. Erger nog: wij zijn niet bang voor vijanden, maar piekeren over allerlei dingen. Piekeren is daarenboven een geliefde afleidingsstrategie. Je houdt je bezig met abstracte vragen zodat je je niet met het werkelijke probleem hoeft bezig te houden. Piekeren uit gemakzucht. De chronische angst die daar het gevolg van is, kan leiden tot verkeerde beslissingen en kan ziek maken, zelfs als er objectief gezien geen gevaar is.
Op dit punt zou het mooi zijn als ik je de schakelaar kon laten zien zodat je de luidspreker in je hoofd eenvoudigweg zou kunnen uitschakelen. Maar die is er jammer genoeg niet.
Maar ik kan wel en paar andere tips geven: De Griekse en Romeinse filosofen, met name de stoïcijnen, raadden de volgende truc aan waarmee je zorgen zou kunnen wegvagen: ‘Ontdek wat je kan beïnvloeden en wat niet. Pak aan wat je kan beïnvloeden en wat niet. Denk niet na over de dingen waar je geen invloed op hebt. Tweeduizend jaar later werd deze uitspraak als volgt naar buiten gebracht: ‘God geeft me de kalmte om te aanvaarden wat ik niet kan veranderen, de moed om te veranderen wat ik kan veranderen en de wijsheid om tussen de twee een onderscheid te maken. ‘Onderscheidingsvermogen!’, dat had het kunnen worden, maar helaas, helaas, toch blijkt ook dat niet te werken omdat ‘kalmte’ nu eenmaal niet intreedt met een druk op de knop. Na een periode van terug naar af, kwam er een nieuwe vlaag van oplossingen: Meditatie het geneesmiddel dat voor alles en nog wat wordt aangeprezen – vooral tegen innerlijke onrust en sluimerende bezorgdheid.
Feit is: meditatie werkt daadwerkelijk. Maar het nieuwe probleem dat zich stelt, is dat mensen vaak net niet tot mediteren komen wanneer het eigenlijk het meest nodig is en/of het helpt vooral op het moment dat je mediteert. Zodra je uit de meditatie komt, zijn de gevoelens en de gedachten er weer en wel net zo hevig als daarvoor.
Alle respect voor filosofie en meditatie, maar concrete strategieën zijn nuttiger. Hier zijn er drie die, in mijn misschien perceptie, kunnen werken. Misschien vind je ze tamelijk weirdo, maar ze zijn het proberen waard.
Ten eerste, neem een notitieboekje en geef het de titel ‘Mijn grote zorgenboek’. Leg een korte tijd vast, waarop je je volledig aan je zorgen wijdt. Reserveer tien minuten per dag waarin je alles opschrijft wat je bezighoudt. Ongeacht hoe terecht, idioot of vaag. Als je dat hebt gedaan, zal je voor de rest van de dag enigszins zorgeloos zijn. Je hersenen weten nu dat de zorgen genoteerd zijn en niet genegeerd worden. Doe dit elke dag en neem hiervoor telkens een lege bladzijde. Het zal je meteen opvallen dat het steeds dezelfde tientallen zorgen zijn die je kwellen. Lees in het weekend alle notities van de week door en volg de instructies op van de bekende wiskundige, Bertrand Russell: ‘Het beste wat je kan doen zodra je merkt dat je ergens over wil gaan piekeren, is dat je er nóg meer gedachten aan besteedt dan dat je instinct vraagt, tot uiteindelijk de ziekelijke aantrekkingskracht zichzelf heeft verteerd.’ Concreet betekent dit: stel je de ergste gevolgen voor en dwing jezelf om zelfs daar voorbij te denken. Je zal vaststellen dat de meeste zorgen daardoor verdwijnen. Wat over blijft zijn de ‘echte’ gevaren die je moet aanpakken.
Ten tweede: sluit verzekeringen af. Verzekeringen zijn een fantastische uitvinding!
Ze behoren tot de meest elegante zorgenkillers. De echte dienstverlening is niet de monetaire vergoeding in het geval van schade, maar het reduceren van je zorgen gedurende de looptijd van de verzekering.
Ten derde: geconcentreerd werken is de beste therapie tegen piekeren. Met volle aandacht werk doen dat je volledig in beslag neemt is beter dan meditatie. Er is nauwelijks iets wat meer afleidt dan geconcentreerd werken.
Als je deze drie strategieën toepast op je leven, maak je een goede kans dat je na de nodige tijd, een onbezorgd leven leidt. En tenslotte kan je als je al een beetje op leeftijd bent, ook de uitspraak van Mark Twain tot een inzicht verheffen en er een mantra van maken:
‘Ik ben een oude man/vrouw en heb veel zorgen gehad, waarvan de meeste nooit zijn uitgekomen.’
Donderdag 14 mei 2026
Deze blog kwam tot stand met de inspiratie van Bertrand Russell en het leuke werk om te spelen en schrijven vanuit metaforen.
Lieve lezer, misschien wordt het na 234 blogs, wel eens tijd om samen te vatten van waaruit en voor wie ik met passie en genot blijf schrijven. Mijn blogs vertrekken allemaal vanuit één en dezelfde kern: ‘EEN FLITS VAN INZICHT’
De bedoeling is om, voor wie er voor open staat, een (kleine) FLITS VAN INZICHT teweeg te brengen, een onverwacht nieuw perspectief te bieden, een andere kijk op het leven, op onszelf en op wat zich in ons leven voordoet. In mijn leven, in jouw leven, in dat van mijn klanten, mijn vriendenkring, mijn kennissenkring, mijn paarden, de maatschappij, de wereld zoals ze zich vandaag toont… kortom ik kan vertrekken vanuit om het even welke plek in het 'labo van het leven'. Tijd dus om jullie te danken voor het feit dat jullie al zolang willen lezen, zonder zelfs te weten vanuit welk perspectief ik aan de slag ga. Mijn oprechte dank en hopelijk tot binnenkort. Oh ja… niet vergeten, wil je me wat laten weten en/of contact nemen. Dat kan direct, via riet@sjamaancoach.be



Opmerkingen