WAAR ZOEKEN WIJ ONZE SLEUTEL?

Deze week las ik een Soefie-verhaal over de wijze dwaas Nasruddin, die op een nacht op zijn knieën onder de straatlantaren voor zijn huis, op zoek is naar zijn sleutel. Een buurman komt hem helpen zoeken. Na een tijdje vraagt hij: ‘Waar ben je hem precies kwijtgeraakt?’
‘In mijn huis’, luidt het antwoord. Zijn buurman vraagt zo tactvol mogelijk: ‘waarom zoek je dan hier?’ ‘Omdat’, antwoordt de wijze dwaas, ‘er hier meer licht is’.
Ben jij, lieve lezer, al aan het glimlachen? Jij en ik lachen terecht om zijn dwaasheid, maar… zijn wij niet net zo dwaas… als het gaat om onze zoektocht naar geluk?
We zoeken het in de wereld om ons heen, omdat we die het beste kennen. We weten hoe we die wereld kunnen veranderen, hoe we bezittingen kunnen verzamelen, hoe we het gedrag van mensen en dingen kunnen beïnvloeden. We weten veel minder over onze verborgen belevingswereld; We vinden ons zielenleven obscuur en mysterieus. En dus blijven we dingen en ervaringen in de externe wereld najagen, zonder ons te realiseren dat de sleutel tot 'een beter gevoel' -binnenin- ons ligt.
De gangbare veronderstelling dat geluk voortkomt uit wat we hebben of doen, leidt tot een bijna onophoudelijk geklets van de stem in ons hoofd die ons vertelt wat er gebeurt, wat we moeten denken en hoe we moeten reageren. We kijken terug naar het verleden. Wat is er fout gegaan? Wat had ik anders of beter moeten doen? Of we denken aan hoe fijn we het hadden en vragen ons af wat we moeten doen om dat geluk te hervinden? En daarenboven maken we ons zorgen over de toekomst. Zullen we wel gelukkig zijn in de toekomst? Wat moeten we daarvoor hebben, Hoe moeten we dat krijgen?
Natuurlijk ga ik hier niet zeggen dat denken niet waardevol zou zijn. Natuurlijk is het, binnen zijn eigen plaats en tijd, een cruciale factor geweest in de evolutie van de menselijke cultuur. Het heeft jou en mij gebracht tot waar we nu zijn, het heeft mogelijk gemaakt dat we keuzes konden maken voor de toekomst en dat we, in vele gevallen een betere wereld voor ons 'IKJE' hebben kunnen creëren. Maar als je het mij vraagt, dan is het zowel een zegen als een vloek. Al dat denken haalt ons uit het heden, we verwijderen alsmaar verder van de grote waarde van het HIER en NU. Het maskeert ook onze ‘Innerlijke Kalmte’.
Omdat we niet beseffen dat we een groot gedeelte van onze ontevredenheid zelf creëren, proberen we die te verlichten door er iets aan te doen. We gaan van de ene taak naar de andere op onze nooit eindigende to-do-lijstjes en we nemen zelden een pauze om te genieten. We zijn – van een wezen dat simpelweg IS verworden tot een wezen dat DOET.
In zekere zin zijn we boogschieters die het doel gemist hebben, het was geen schot in de roos. De roos waar we op mikken is een betere gemoedstoestand – geluk, tevredenheid, rust, innerlijke vrede. Maar door te geloven dat we deze staat alleen kunnen bereiken door wat we hebben of doen, richten we onze pijlen misschien wel in de verkeerde richting – op dingen en ervaringen in de buitenwereld – en daarmee ‘missen we het doel.’
Hoor ik nu in de verte de vraag: ‘Wat moeten we dan …?’
Mijn bescheiden conclusie is: ‘Als je -het of je -doel hebt gemist en je hebt het geluk niet in de buitenwereld gevonden, verander dan je denken – want wat je zoekt is, vermoed ik,
ligt HIER, binnenin jou. Je ‘innerlijke levenswereld, je zielenleven, in zijn natuurlijke staat is al vrede. Het zou ons kunnen helpen als we de gehechtheid aan hoe wij vinden dat we de dingen -moeten- doen, niet langer halsstarrig zouden vasthouden; onze ervaring kunnen accepteren zoals die is, zonder weerstand of oordeel om terug te keren naar de natuurlijke innerlijke levenswereld – naar onze natuurlijke staat van ZIJN. Daar, ontginnen we misschien wel grote vlaktes van rust, steeds meer rust, die we dan kunnen uitstralen naar anderen. En het meest belangrijke is misschien nog wel… hoe meer RUST EN VREDE er is in de mens, hoe meer rust we kunnen bieden in onze opgewonden wereld.
Donderdag 3 september 2026
Lieve lezer, het was voor mij een FLITS VAN INZICHT om me te realiseren dat ik en wellicht ook jij, als kind geen enkel probleem hadden om ons met onze verborgen levenswereld te verbinden: of het nu ging om dromen, fantasieën angsten, intuïties, verwondering of innerlijke beelden… het was een vanzelfsprekendheid waarvoor we geen verklaring nodig hadden. Maar in het volwassen worden, kwamen we meer en meer op het spoor van onderscheid maken tussen wat echt, nuttig, redelijk en sociaal aanvaard was, waardoor onze aandacht is verschoven naar de zichtbare wereld en naar hoe anderen naar ons keken, wat er van ons werd verwacht om erbij te horen…
Vandaag denk ik dat het best kan dat we die wereld -niet- werkelijk ontgroeien, maar dat we vooral verleerd zijn om haar taal te verstaan. Wat als we leren terug te keren naar onze verborgen levenswereld, zonder opnieuw kind te hoeven worden? Met de helderheid van een volwassene EN de ontvankelijkheid voor wat zich diep vanbinnen nog altijd afspeelt. Soms wacht ze alleen op een moment van stilte, verwondering, of aandacht om zich weer even te laten voelen en dat zijn de unieke momenten dat we opnieuw een bewuste relatie leren aangaan met ons innerlijk leven.
Omdat we onze externe en onze interne wereld opnieuw willen verbinden, zijn we geen zweefteven of zweefreuen die op een berg leven, ... integendeel, ik denk dat als we daarin slagen we evolueren van 'Zero naar Hero'.




Opmerkingen